De eerste dag in zomers Milaan. Mijn broertje J. en ik sukkelden het volgepakte centrum uit, weg van de pocherige Pradaïsten en Gucci-glamour. Door de Castello Sforzesco en naar Parco Sempione, het stadspark. De felle zonnestralen weerkaatsten op het goudgele zand, ik zette mijn hippe Ray-Ban op en J. vervolgde zijn weg met dichtgeknepen doppen. Ineens, als een oase in de woestijn, doemde een zwartwerker met een breed assortiment aan zonnebrillen op. “How much?”, vroeg ik toen mijn broertje een fraai exemplaar op zijn neus had gezet. “Ten euro”, fluisterde de lange venter. “Six euro”, probeerde ik, de gierige Hollander uit Venlo. We namen de middenweg en na een cool pic van J. en zijn nieuwste aankoop liepen we verder naar de Arco della Pace, oftewel de vredesboog. We maakten een selfie en zetelden ons op een bankje in de schaduw.

Toen, na een minuut of tien, passeerde er een vrouwelijk gestalte. Mijn zonnebril ging af om een en ander goed te kunnen onderscheiden: klein, Aziatisch, jong lichaam, een iets ouder hoofd. En, beste lezers, een extréém kort broekje. Minstens zo opmerkelijk was haar partner in crime: een schattig, bruin konijntje dat aan de lijn voor haar uit huppelde. In het voorbijgaan zocht ze oogcontact en groette ze ons, toeristen met volgepakte rugzakken, vriendelijk. Even later, wanneer J. en ik dé Shakespeareaanse vraag onder mannen reeds beantwoord hadden – to do or not to do –, kwam ze terug. Bij het bankje tegenover ons bukte ze tien hele langzame tellen voorover, daarmee de term ‘inkijk’ een geheel nieuwe lading gevend. Waarna ze *oeps* haar lijntje losliet en als een hulpeloze Alice in Milan achter haar op het gras gevluchte knuffelkonijn aanholde.

Daarmee rende ze het verhaal niet uit hoor, nieuwsgierige Kraggers. Het absurdste moest nog komen: ze ving haar huisdier en kwam plotseling tot stilstand tussen twee bomen, achter een overhangende tak. Ze bukte, zodat ik haar Anime-ogen kon zien. ‘Come’, liplas ik, en ze wenkte me schichtig. Ik zag er het nut niet zo van in en gebaarde dat ze maar naar ons toe moest komen. Ze gehoorzaamde gewillig en trippelde naar ons bankje. “There’s a man following me”, zei ze zachtjes. “What man?”, vroeg ik, om me heen turend. Ze knikte met haar hoofd naar links. “That one, sitting over there.” Ik keek opzij en zag een wat oudere, grijze geilneef onze kant uit spienzen. Geen gevaar, dus ik besloot over te schakelen op koetjes en konijntjes. “Don’t worry, he won’t do anything. What’s the name of your rabbit?” Ze hurkte voor de tas onder mijn arm en sprak tot tweemaal toe een fantasierijke naam uit die ik inmiddels alweer ben vergeten, waarna ik het zachte snuffelbeestje aaide. Weer overeind vertelde ze over zichzelf – ze was 25 jaar en woonde al vier jaar in Milaan, had thuis nog twee honden en kwam vaker in het park om te picknicken, blabla – en daarna was ze erg benieuwd naar waar wij vandaan kwamen en in welk hotel we zaten. Ik gaf vage antwoorden en stelde voor of ze met ons mee wilde lopen, weg van haar al dan niet geïmagineerde belager. We stonden op, ik dubbelcheckte de inhoud van mijn rugzak en met zijn viertjes (drie mensen, een konijn) wandelden we naar de oogverblindende zonneschijn.

Honderdvijftig meter en een wazig verhaal over een oude vriend in Miami verder scheidden onze wegen. “You can go, you’re safe now”, hintte ik subtiel. “Where are you going?”, vroeg ze beduusd. “Over there”, antwoordde ik, en ik wees naar een gebouw dat ik nog wilde bekijken. “Goodbye.”

Na een flitsbezoekje aan het gebouw in kwestie, dat het Palazzina Appiani bleek te zijn, liepen we terug richting het decadente centrum. En, het zal u vast niet verbazen: onderweg kwamen we ‘toevallig’ weer onze konijnenknuffelaarster tegen, die alweer een ander mannelijk slachtoffer op het oog had. “Where are you going”, poogde ze nog een keer. “To the city, bye bye”, reageerde ik kordaat, en ik zwaaide haar uit.

“Hier moet ik een blog over schrijven”, zei ik tegen J. Met stevige tred liepen we door. Zonnebrillen op, weg van de gekkies in het park.

Dit wil ik delen!

AUTEUR

Sven Poels (1988) is journalist en tekstschrijver. Hij studeerde af in de Cultuur- en Wetenschapsstudies aan de Universiteit Maastricht en werkt als freelance verslaggever voor Dagblad De Limburger. Daarnaast publiceert hij geregeld voor Peel en Maas & Asbestslachtoffers Vereniging Nederland. Zijn specialisaties zijn sport, cultuur, politiek en maatschappelijke thema's.

Reageren

Yep, ook Krag.nu maakt gebruik van cookies! UITLEG

Alle websites maken gebruik van cookies, Krag.nu dus ook! Het zijn kleine bestandjes die op je computer geplaatst worden en ervoor zorgen dat de website goed werkt. Bovendien helpen ze om Krag.nu te kunnen verbeteren.

Er worden geen privégegevens verzameld!

Deze cookiemelding is verplicht omdat er op Krag.nu filmpjes te zien zijn die op YouTube staan. Daardoor ontvang je mogelijk ook cookies van die website. Wil je dit niet? Pas dan daar je instellingen aan.

Sluiten