Oops! It appears that you have disabled your Javascript. In order for you to see this page as it is meant to appear, we ask that you please re-enable your Javascript!
 

Toen ik een jaar of vijftien was, zat ik op de middelbare school in Landgraaf. Als ik klaar was met mijn lessen, liep ik zo nu en dan even bij haar binnen. Ze woonde op dat moment in een appartement dat op de route lag naar mijn ouderlijk huis en haar openingszin was altijd: ‘Dag lieverd, hoe was je dag?’ Dan ging ik zitten aan een tafel die bezaaid lag met brieven, ze werkte immers als Mona voor de Story.

Loek Kessels. Zo kende ik haar: een doodgewone maar ó zo bijzondere vrouw, vriendin van mijn ouders, een steun en toeverlaat voor mezelf. Als ik sprak over wat me bezighield, dan luisterde zij in stilte. Ze las de verhalen die ik schreef en stimuleerde me om er vooral mee door te gaan. Zo stond ze min of meer aan de basis van mijn schrijfcarrière.

Jaren later had Loek, net als mijn ouders, een tweede huis in Spanje gekocht en werden we min of meer buren van elkaar. Als prille moeder bracht ik regelmatig wat tijd door in dat huis in Rojales: dankzij Ryan Air vlogen we net zo makkelijk van Düsseldorf naar Alicante, als ik nu een treinreis vanuit Venlo naar Landgraaf onderneem. Het waren magische jaren, vol memorabele momenten. We vierden de 65ste verjaardag van mijn vader op het dakterras: de tafel stond vol (in bierbeslag) gebakken oesterzwammen met aioli, de wijn van de plaatselijke bodega vloeide rijkelijk en de hemel was bezaaid met sterren. De grootste sterren zaten echter aan tafel: niets is zo fijn als je geliefden om je heen hebben tijdens zo’n prachtige avond. 

En de tijd ging voort en voort. Een aantal weken geleden, op zaterdag 8 juni van dit jaar, was ik op het dakterras van mijn huis in Venlo. Een zacht briesje waaide over me heen, ik was bezig de klimplanten te ontwarren om ze een andere plek op het terras te geven. Een klusje waar ik al mijn aandacht bij nodig had, en de ‘ping’ van mijn telefoon zag ik dan ook als welkome afleiding om even pauze te nemen. Er stond een bericht van Loek op Facebook, waarin ze haar overlijden aankondigde. Hoewel ik wist dat ze ernstig ziek was, overviel het nieuws me behoorlijk. Ik was onder de indruk van de manier waarop ze schreef, en de diepgang ervan:

‘Ik wil niet zomaar in de lucht verdwijnen zonder afscheid te nemen van al diegenen die me zo vaak een glimlach hebben bezorgd, of een fijn gevoel van herkenning. Voor je vrienden hoef je niets te verbergen, die begrijpen je en accepteren je besluiten, waarvoor je ook kiest.’

Loek Kessels en Luca van Wersch

Loek en Luca in 1997…

Met deze woorden in mijn achterhoofd ging ik verder, om zo voorzichtig als ik maar kon, de tere stengels die vervlochten waren in het antieke tuinhek los te halen. Opeens schoot een herinnering door me heen.Ouderlijk huis in Landgraaf, mijn trouwdag. We stonden bij de piano en Loek gaf me haar huwelijkskado. Het was een nogal warrig klosje garen waarin prachtige kleuren draad verweven waren met elkaar. Ik keek haar met een verbaasde blik aan. Ze lachte, zoals alleen zij dat kon, en sprak de voor mij legendarische woorden:

‘Elke draad, met een heel eigen kleur, kruist of draait met een andere draad, dat geeft houvast. Een huwelijk draait om vasthouden, ontwarren en niet loslaten, ook al is het moeilijk. Weet dat je op je plek bent in het grote geheel en zie dat je door deze verbinding, door elke verbinding, iets groters tot stand brengt.’

Met de takken van de kamperfoelie in mijn hand kreeg deze boodschap een geheel nieuwe en diepere betekenis. Vervlochten zijn met elkaar, de boel ontwarren, en dan op een andere plek verder gaan wil niet zeggen dat je de verbinding of houvast kwijt bent. Soms gaat iets op een heel andere plek verder. De herinnering en kracht blijven. Zelfs als een draadje breekt, is er altijd een stuk dat verder gaat.

Ruim tien dagen later overleed ze, in het bijzijn van haar dochter, schoonzoon en kleinkinderen. Haar laatste woorden waren vol symboliek en helderheid over de hele kracht van het leven:

‘Als ik er niet meer ben,
als ik ben waar het leven is verstild,
weet dan dat een deel van mij
je nooit verlaat…
Mijn onsterfelijke liefde.’

Een gouden draad ben je, en blijf je.

Loek Kessels, 10 maart 1932 – 19 juni 2019

Dit wil ik delen!

AUTEUR

Luca van Wersch (1967) is niet onder één noemer te vangen. In 1992 kwam ze in Venlo terecht om films te maken. Ze gaf kookles, maakte danschoreografieën en schreef het boek 'Duizend Lijntjes in mijn hoofd', waarin ze fotografie en tekst op een poëtische manier verpakt. In 2008 werd er een tumor in haar hoofd ontdekt. Over alle ervaringen rondom ziek zijn schreef ze blogs voor Media Groep Limburg.

3 reacties

  1. Hans en Ria van Wersch op

    Landgraaf, dinsdag, 25 juni 2019.

    Wat een prachtig geschreven “in Memoriam” over Loek Kessels. Het ontroert ons diep in ons hart. Maar het is een troost dat verdriet te kunnen delen. Zo ook hier.
    Dank je wel, Luca, voor jouw fijn gevoelde reactie. Het is voor ons een eer, dat we Loek gekend hebben. Ze was heel bijzonder…..en zo zullen wij haar altijd blijven herinneren.

    Hans en Ria van Wersch

  2. Een deel van mij je nooit verlaat ik denk ook dat dat je op de been houdt als er prachtige mensen om je heen weg gaan dan is het mooi als het die kleine stukjes onsterfelijke liefde is mooi daar hou ik van

Reageren