Oops! It appears that you have disabled your Javascript. In order for you to see this page as it is meant to appear, we ask that you please re-enable your Javascript!
 

Laatst moest ik mijn zoon overhoren voorafgaand aan zijn toets geschiedenis. Hij moest de tijdvakken op kunnen dreunen en ik las mee in zijn boek terwijl hij de tijd van regenten en vorsten noemde, de tijd van pruiken en revoluties en de laatste twee tijdperken: die van de wereldoorlogen en die van televisie en computers. Voor het tijdperk waar we nu in zitten is er nog geen naam bedacht, vertelde hij me, en dat is logisch want pas achteraf kun je goed bepalen waar het tijdsbeeld significant door werd bepaald en welke naam daarbij past.

Toch bleef het wel in mijn hoofd zitten, het nog naamloze tijdperk waarin we ons nu voortbewegen. Hoe zou het gaan heten? Hoe worden wij later in de geschiedenisboeken herdacht? Wordt het ook iets heroïsch zoals de vroege middeleeuwen worden betiteld als de tijd van monniken en ridders of zoals de gouden eeuw, de tijd van regenten en vorsten?

Ik denk dat de tijd van de mobiele bereikbaarheid wellicht een goede benaming kan gaan zijn, of de tijd van rijkdom en verontwaardiging. Hoe ongelijk de rijkdom ook verdeeld is, onze tijd is rijker dan de tijden die achter ons liggen, tijden waar nog echt hard gewerkt moest worden, fysiek hard, en waar het geen vanzelfsprekendheid was dat je elk jaar op vakantie ging. Of twee keer. Of drie. En met z’n allen hebben we op social media een podium gevonden om onze verontwaardiging te uiten en het over bijna alles oneens te zijn. Elk positief bericht over de economie of de zorg mag rekenen op honderden reacties waar de verontwaardiging van afdruipt en elk van de reaguurders komt met een persoonlijk verhaal of een procentueel bewijs van een niet bestaand onderzoek waar vervolgens weer door tientallen anderen op gereageerd wordt.

Het ministerie van oplossingen

© Van Goor / Sanne Rooseboom

Even onderzoeken of nieuws wel klopt lijkt niet meer van deze tijd. Een persoonlijk en kritisch bericht op Facebook zorgt hoe dan ook wel voor instemming. Goed dat iemand dit een keer zegt, lees ik dan vaak. Meestal is er nergens in de reacties een kanttekening. Verontwaardiging delen schept een band, zo lijkt het. In de Pietendiscussie was deze verontwaardiging voelbaar. Twee kampen sloegen elkaar om de oren met historisch bewijsmateriaal zonder zich te verdiepen in de argumentatie van de ander. Bij de klimaatverandering zijn we collectief verontwaardigd over de gevolgen van de roofbouw die we op de planeet hebben gevoerd, maar op het moment dat de prijzen aan de pomp een dubbeltje stijgen zijn we daar ook weer verontwaardigd over. Dan trekken we gele hesjes aan.

Onlangs verscheen er een nieuw kinderboek met de prachtige titel Het ministerie van oplossingen. Dat een dergelijk ministerie in het echt niet bestaat is eigenlijk heel jammer. We beslechten de discussies over Pieten, het klimaat, de zorg en vluchtelingenproblematiek, want we plaatsen de publieke discussie bij dit ministerie en zij komen met een oplossing. Het ministerie van oplossingen heeft beslissingsbevoegheid, ze bekijken een probleem, beoordelen de verschillende argumenten en nemen een beslissing, zonder politieke kleur of discussie. En die oplossing wordt geaccepteerd, zoals een uitspraak van een rechter ook geaccepteerd moet worden. Zo gaan we elke polariserende discussie aanpakken, en kunnen we alsnog komen tot een heroïsch tijdperk, namelijk de tijd van oplossingen.

Dit wil ik delen!

AUTEUR

Rogier Knipscheer (1972) is mede-eigenaar van Boekhandel Koops. Hij begon op veertienjarige leeftijd met een bijbaantje in een boekhandel, studeerde informatica aan de Hogeschool in Eindhoven en werkte vijf jaar als project engineer bij een groothandel in boeken. In zijn vrije tijd leest hij veel en placht hij zo nu en dan een stukje te gaan rennen. Hij is bestuurslid bij ondernemersvereniging venlostad.com en op veel vlakken zeer betrokken bij de binnenstad.

Reageren